woensdag 21 oktober 2015

Precisiewerk met bamboe op de Vrije School in Amersfoort (branden) 7.

Ik had tussen deze lessen weinig tijd nodig om de toonhoogte van de hoge d in orde te maken. Een enkele keer moest ik het gaatje iets groter maken. Nu gaan we de fluit versieren en politoeren.

Met potlood schrijf je je naam op de fluit (niet te klein). Met een brandapparaat ga je over de letters die nu in de fluit worden gebrand. Ik leg uit waar je het brandapparaat kunt vastpakken zonder brandwonden op je hand te krijgen. Omdat je over een rond oppervlak gaat, schiet de punt van het brandapparaat snel uit. Daarom steun je je hand op een werkplankje. Ik laat zien hoe je dan beter kunt sturen (zie ook het blog van 29 - 10 - 2014).
Met een brandapparaat je naam in de fluit branden.
Wil je jouw fluit nog verder versieren dan kun je een tekening op de fluit maken en die inbranden.
Als je geen ideeën hebt dan kun je kiezen uit een map met voorbeelden. Met een overtrekpapier trek je de gekozen figuur over. Je legt carbonpapier op de fluit en trekt het figuur nog een keer over. Zo verschijnt deze op de fluit. En dan inbranden. Ik zie Keltische figuren, uiltjes, dolfijnen, leeuwen enz.
De laatste keer politoeren...................de fluit is klaar!!!
Nu leggen we de laatste hand aan de fluit. Eerst wordt de fluit ingesmeerd met paraffine. Op een ander doekje komt politoer. Door hard boenen (door de ontstane warmte) vermengen paraffine en politoer zich tot een soort schellak. Deze twee handelingen moeten nog twee keer herhaald worden en dan......... is de fluit goed beschermd tegen vuil en een beetje tegen temperatuurwisselingen (zie ook het blog van 28 - 8 - 2014).

Bea Kloosterman

zondag 11 oktober 2015

Precisiewerk met bamboe op de Vrije School in Amersfoort (schrapen) 6

De bovenste gaatjes, de a, de b en de cis heb ik in de tussentijd gecontroleerd op toonhoogte. Hier en daar was nog een streek van de vijl nodig ("kabouteren"). Aan de achterkant van de fluit zet ik met de priem een puntje voor het laatste gaatje: de hoge d. Die gaan we in deze les maken. En daarna komt ook  de afwerking. 

Het boren van het laatste gaatje is heel snel gebeurd. De samenwerking gaat goed hoewel de kinderen een beetje wiebelig zijn. Ik had de instructie ook met weinig overtuiging gegeven.

Met een schraapstaal het huidje eraf schrapen.

Dan moet het huidje van de fluit afgeschraapt worden. Daarvoor hebben we een schraapstaal nodig. Dat is een rechthoekig plat stukje ijzer. Aan de vier lange kanten zit een braam van ongeveer 1 millimeter. Als je met je vinger over het ijzer gaat, voel je aan de uiterste kanten een braam. Je doet je hand om het schraapstaal en trekt met de braam het velletje eraf. Je ziet slierten op je tafel komen.

Schuren met grof, middel en fijn schuurpapier.

Als dat klaar is maak je de fluit mooi glad met schuurpapier. Eerst grof, dan middel, daarna fijn schuurpapier. Tenslotte nog met staalwol erover en dan is de fluit zijdezacht (zie blog van 29 - 10 - 2014).

Bea Kloosterman

maandag 5 oktober 2015

Precisiewerk met bamboe op de Vrije School in Amersfoort (drie bovenste gaatjes) 5

In de tussentijd heb ik in het tweede kwart vanaf de bovenkant van het venster drie stipjes gezet met de priem. Want we maken vandaag de gaatjes voor de a, de b en de cis. Bij de controle van de toonhoogte van de e, de fis en de g moest ik af en toe iets "kabouteren".

Het fluisteren, het samenwerken en de concentratie gaan allemaal goed. Vandaag gaan we oefenen in het niet door elkaar heen praten en/of fluisteren, maar even wachten tot de ander klaar is met zijn of haar zin.
Samenwerken bij het boren van een gaatje.


Het boren van de gaatjes gaat vrij vlot, mede door de goede samenwerking: de één houdt de fluit vast en de ander boort het gaatje (zie ook het blog van 15 - 10 - 2014). Bij controle op de toonhoogte geef ik weer met potlood aan tot hoever het gaatje uit gevijld moet worden. Dat gaat nu op de goede manier (zie foto).
De fluit op de zijkant leggen en het gaatje uit vijlen.

Als de gaatjes klaar zijn kan er geschraapt worden. Daarover de volgende keer meer.

Bea Kloosterman.

maandag 28 september 2015

Precisiewerk met bamboe op de Vrije School in Amersfoort (drie onderste gaatjes) 4

De fluiten zijn nu op grondtoon. Het "kabouteren" bestond dit keer uit het controleren van de grondtoon d. Bij een enkele fluit heb ik nog een ringetje afgezaagd. We gaan nu de gaatjes maken voor de e, de fis en de g.

Vanaf de bovenkant van het venster plakken we een strook tape tot aan de onderkant van de fluit.
Die strook meten we op met een liniaal en verdelen we in kwarten. Ik help even door eerst de helft af te meten en daarna weer de helft van beide helften.

De fluit is verdeeld in kwarten. Het gaatje van de e is goed. De fis moet nog groter worden.

Naast het onderste kwart maak ik een gaatje met de priem. Daar wordt het eerste gat geboord om de toon e te krijgen. Ik controleer met het stemapparaat of de toon goed is. Met potlood zet ik een lijntje om het gat zodat de kinderen weten tot hoe ver ze moeten vijlen. Als de toon goed is meet ik op waar het volgende gat moet komen, de fis en daar zet ik een puntje met de priem. Zie ook het blog van 15 oktober 2014.

Er liggen boren klaar voor de e, de fis (een dikkere boor) en de g (een dun boortje). Aan elke boor zit een vlaggetje met een e, fis of g.

Marion controleert of de namen goed op de fluiten staan.

Wie klaar is, kan verder gaan met schrapen. De kinderen hielden zich goed aan de afspraken: er werd gefluisterd en het opruimen ging prima.

Bea Kloosterman

maandag 21 september 2015

Precisiewerk met bamboe op de Vrije School in Amersfoort (grondtoon ) 3


De fluit is "geboren". Bamboebuisjes zijn zelden kogelrond. Met plakvilt en/of tape heb ik de kieren gedicht (het zgn. "kabouteren" ). Als je door de buis kijkt, zie je alleen het licht dat door het kanaal komt. Bij het blazen op de fluit aan het eind van de vorige les bleek dat de toonhoogte heel verschillend is. Daarom gaan we in deze les stemgaatjes maken en de fluit afzagen op grondtoon.

Het laatste kwartier van de vorige les was een rommeltje. We schrijven nu achter alle opruimactiviteiten een naam. Ook de afspraken voor de les worden even herhaald (zie blog van 6 september 2015).

Aan de zijkant van de fluit, 2 cm. vanaf de bovenkant van het venster wordt een gaatje geboord van 1 mm. Een halve cm schuin naar onderen nog één. De fluit wordt lager als je de stemgaatjes dicht doet en hoger als ze open zijn. Dat is belangrijk voor het samenspel.

Twee stemgaatjes boren met een boortje van 1 mm.

Eerst stel ik met behulp van een stemapparaat de toonhoogte vast. Ik weet dat er per halve toon 1 cm van de bamboebuis afgezaagd moet worden. Met potlood geef ik dat aan op de fluit.  Rondom de potloodstreep wordt een tapeje geplakt. Het zagen gebeurt draaiend om ervoor te zorgen dat er geen splinters komen. De wijsvinger leg je tegen de zijkant van het zaagblad  om te voorkomen dat de zaag wegschiet en een beschadiging maakt op de fluit (zie 't blog van 8 oktober 2014). Een moeilijk werkje dat soms tot frustratie leidt. De kinderen die snel klaar zijn kunnen het mondstuk mooi afwerken en verder gaan met schrapen.

 Het afzagen van een ringetje (de wijsvinger tegen de zijkant van het zaagblad).
Aan het eind van de les blazen de kinderen eerst één voor één op de fluit en daarna samen.
De grondtoon is nog niet helemaal gelijk maar de verwonderde gezichten spreken boekdelen.
Ook bij meester Ferdinand.

Bea Kloosterman




donderdag 10 september 2015

Precisiewerk met bamboe op de Vrije School in Amersfoort (kanaal en vensterbank) 2

In deze les maken de kinderen een kanaal en een vensterbank in de fluit. Overigens hadden ze zich goed aan de afspraken gehouden (zie blog 6 september 2015). Er was maar een enkele waarschuwing nodig. 

Als voorbereiding heb ik de rechthoekjes nagekeken. Het is een nauwkeurig werkje dat te veel tijd neemt in de klas.Een wijde buis heeft een groter venster dan een smalle buis. Vanuit dat rechthoekje heb ik twee lijntjes getrokken aan de binnenkant van de buis. Dat wordt het kanaal. We noemen deze werkzaamheden: "kabouteren" (Zie het blog van 3 okt 2014).

Verschillende venstermaten samenhangend met de doorsnee van de buis.


Heel geconcentreerd en precies volgens de instructie vijlen de kinderen het kanaal 2 mm. diep.
Nu nog een vensterbank aan de voorkant en je kunt bij meester Ferdinand een kurk uitzoeken en passend maken.
De vensterbank maken. Je ziet het schraapsel van het afschrapen van de fluit (tussenwerkje)

De kurk passend maken.
Ik snijd een vlakje van de kurk, duw de kurk weer in de fluit, de leerling blaast en.......... er klinkt een toon: De fluit is geboren!

Bea Kloosterman


zondag 6 september 2015

Precisiewerk met bamboe op de Vrije School in Amersfoort (tussenschot) 1

De vijfde klas (groep 7) mag een fluit bouwen.  De kinderen hebben al vier jaar op een leenfluit van de school gespeeld. Het is heel spannend om nu je eigen fluit te maken. En het bouwen van een bamboefluit vraagt veel nauwkeurigheid. 27 kinderen is te veel om te begeleiden bij dit intensieve werk. Daarom begint de helft. 

De leerkracht, meester Ferdinand, en ik spreken af dat hij orde houdt en dat ik mij volledig concentreer op het bouwen.
Met de kinderen maak ik de volgende afspraken:

  • heel goed opletten bij de uitleg
  • als je niet alles kunt onthouden kun je het nalezen op de lijst of nakijken op de foto's.

De rode opdracht wordt bij mij gedaan en de groene bij de leerkracht.
  • praten zonder je stembanden te gebruiken, d.w.z. fluisteren.
  • goed zorgen voor je materialen (een mapje gevuld met vijlen kost ongeveer 60 euro).
  • je krijgt één waarschuwing en bij de tweede overtreding leg je je werk een kwartier neer.

We beginnen met het magische moment van het uitzoeken van het buisje. Als je geconcentreerd de buisjes door je handen laat gaan, voel je welk buisje voor jou geschikt is: dik of  dun of licht of zwaar of een speciale kleur.
Met veel aandacht worden de buisjes bekeken, gevoeld en beoordeeld.

Eerst wordt het tussenschot weg gevijld.
Zij vijlt het tussenschot weg.

We meten wat de wijdste kant is. Dat wordt de bovenkant. Nu moeten we nog bepalen wat de voorkant wordt (de platste kant). Een schuin stukje afzagen voor het mondstuk is het moeilijkste werkje. En dan nog een gaatje boren voor het venster. Zie ook het blog van 27 september 2014.
Ziezo, les 1 zit erop.

Bea Kloosterman