Posts tonen met het label gaatjes. Alle posts tonen
Posts tonen met het label gaatjes. Alle posts tonen

zondag 11 oktober 2015

Precisiewerk met bamboe op de Vrije School in Amersfoort (schrapen) 6

De bovenste gaatjes, de a, de b en de cis heb ik in de tussentijd gecontroleerd op toonhoogte. Hier en daar was nog een streek van de vijl nodig ("kabouteren"). Aan de achterkant van de fluit zet ik met de priem een puntje voor het laatste gaatje: de hoge d. Die gaan we in deze les maken. En daarna komt ook  de afwerking. 

Het boren van het laatste gaatje is heel snel gebeurd. De samenwerking gaat goed hoewel de kinderen een beetje wiebelig zijn. Ik had de instructie ook met weinig overtuiging gegeven.

Met een schraapstaal het huidje eraf schrapen.

Dan moet het huidje van de fluit afgeschraapt worden. Daarvoor hebben we een schraapstaal nodig. Dat is een rechthoekig plat stukje ijzer. Aan de vier lange kanten zit een braam van ongeveer 1 millimeter. Als je met je vinger over het ijzer gaat, voel je aan de uiterste kanten een braam. Je doet je hand om het schraapstaal en trekt met de braam het velletje eraf. Je ziet slierten op je tafel komen.

Schuren met grof, middel en fijn schuurpapier.

Als dat klaar is maak je de fluit mooi glad met schuurpapier. Eerst grof, dan middel, daarna fijn schuurpapier. Tenslotte nog met staalwol erover en dan is de fluit zijdezacht (zie blog van 29 - 10 - 2014).

Bea Kloosterman

maandag 5 oktober 2015

Precisiewerk met bamboe op de Vrije School in Amersfoort (drie bovenste gaatjes) 5

In de tussentijd heb ik in het tweede kwart vanaf de bovenkant van het venster drie stipjes gezet met de priem. Want we maken vandaag de gaatjes voor de a, de b en de cis. Bij de controle van de toonhoogte van de e, de fis en de g moest ik af en toe iets "kabouteren".

Het fluisteren, het samenwerken en de concentratie gaan allemaal goed. Vandaag gaan we oefenen in het niet door elkaar heen praten en/of fluisteren, maar even wachten tot de ander klaar is met zijn of haar zin.
Samenwerken bij het boren van een gaatje.


Het boren van de gaatjes gaat vrij vlot, mede door de goede samenwerking: de één houdt de fluit vast en de ander boort het gaatje (zie ook het blog van 15 - 10 - 2014). Bij controle op de toonhoogte geef ik weer met potlood aan tot hoever het gaatje uit gevijld moet worden. Dat gaat nu op de goede manier (zie foto).
De fluit op de zijkant leggen en het gaatje uit vijlen.

Als de gaatjes klaar zijn kan er geschraapt worden. Daarover de volgende keer meer.

Bea Kloosterman.

dinsdag 10 maart 2015

Samenwerken met je fluit (deel 3)

Als je een mooie toon wilt laten horen moet de samenwerking van de speler en de fluit goed zijn. Er komt nu één mooie toon uit je fluit. Er kunnen vijftien tonen klinken. Hoe doe je dat? Wat moeten je vingers daarvoor "weten" ?

Op elk gaatje "ligt" een vinger. Soms, als beginneling, gaat dat niet zo lekker:
-  ze zijn heel krom en onwennig
-  de toppen van de vingers duwen de gaatjes te hard dicht
-  de vingers zijn soms krampachtig
-  als er een piepgeluid klinkt gaan de vingers nog harder knijpen, zonder resultaat.

Wat kun je doen? De vingers mogen als het ware "flappen" op de gaatjes. Je hoort dan een droog geluid. Je kunt met alle vingers deze oefening doen. Let op: als een vinger te hard op een gaatje duwt, komt er een rondje op het kussentje van de vinger.

De vingers mogen voor het goede geluid soepel heen en weer bewegen. Dat kan alleen als de armen losjes langs het lichaam hangen. Om dat te bereiken kun je de ellebogen op en neer bewegen zoals een vlinder dat doet.

Door combinaties van het optillen van je vingers krijg je verschillende tonen. De vingers hangen ongeveer één centimeter boven de gaatjes. Ze kunnen dan heel snel het gaatje weer sluiten.

Deze vingers hebben net in de tuin gewerkt. Ze liggen nu heel ontspannen op de gaatjes.
Bea Kloosterman