Posts tonen met het label linker-en rechterhand. Alle posts tonen
Posts tonen met het label linker-en rechterhand. Alle posts tonen

zaterdag 5 december 2015

De gelukkige les voor het bouwen van bamboefluiten (samenwerken) 5

Meester Ferdinand gaat enkele kinderen helpen die één of twee lessen gemist hebben.
Ik geef uitleg over de bovenste drie gaatjes: de a, de b en de cis. Die maken we deze deze les.

Het stormt. Zoals de regendruppels langs het raam glijden, zo druppelen de kinderen binnen. En dan is er nog een lichte onrust van het aanstaande sinterklaasgebeuren. Dat laatste geldt ook voor mij: ik heb mijn iphone vergeten voor het maken van foto's.

Aan het eind van de vorige les hoorden we dat de fis niet goed klonk. Daar heb ik extra goed naar geluisterd en bij ongeveer zeven fluiten het gaatje iets groter gemaakt: de toon was te laag.
Aan het eind van deze les mag je weer blazen. Thuis veeg ik het mondstuk af met een lapje dat gedrenkt is in heel sterke alcohol. Dan zijn alle bacteriën  dood. En - zoals jullie vroegen in de vorige les - wat gebeurt er als ìk heel verkouden ben?  Dan kan ik niet op jullie fluiten spelen en heb ik een probleem.

Er staan drie puntjes op de fluit. Daar komen de volgende drie gaatjes: één voor de a, één voor de b en één voor de cis. Je kunt elkaar helpen bij het boren van het gaatje. Denk er nog even aan: de boor al doordraaiend omhoog trekken.
Als je links bent, draai je het wieltje naar je toe.
En als je aandacht er niet helemaal bij is, kan dit gebeuren..........
Dat betekent opname in het "bamboeziekenhuis"
Aan het eind van de les klinken er zes mooie tonen. Alleen de cis klinkt heel onzuiver. Daar ga ik nog iets aan doen.

Bea Kloosterman


woensdag 18 februari 2015

Samenwerken met je fluit (deel 1)

Als je een mooie toon wilt laten horen moet de samenwerking van de speler en de fluit goed zijn. Hoe dat in zijn werk gaat leg ik hier uit.

Ik maak een ronding in het mondstuk die heel goed past bij de onderlip van de speler. De fluit rust op de onderlip en de bovenlip gaat er iets overheen. De fluit steekt dan schuin naar voren en maakt een hoek van ongeveer 45 graden met het lichaam.

De ronding in het mondstuk.
De rechterhand houdt de onderste drie gaatjes dicht. De pink steunt tegen de zijkant van de fluit en de duim tegen de achterkant. De linkerhand houdt de bovenste gaatjes dicht. De pink steunt tegen de zijkant en de duim sluit het gaatje aan de achterkant.

En nu blazen...... daarover vertel ik de volgende keer.

Bea Kloosterman