vrijdag 22 mei 2015

Mooi van bamboe: magische huizen

De moeder van Elora Hardy vroeg toen ze 9 jaar was waar een huis op moest lijken. 'Op een paddenstoel' zei ze, en haar moeder bouwde het huis! Zelf bouwt Elora nu samen met haar team magische huizen op Bali. Van bamboe. Ze vertelt er over in deze TedTalk.


donderdag 14 mei 2015

Een versterker op de bamboefluit

De toon van de fluit is zuiver en mooi. Alleen een beetje zacht. Daaraan kun je iets doen. Je zet er een geluidsversterker op. Als je het goed doet, blijft de toon mooi en zuiver. Alleen komt er iets meer volume.

Ik leg een stukje schuurpapier over het venster. Ik neem een stukje bamboe van 3 cm lengte met ongeveer dezelfde ronding als de fluit. Dat schuif ik heen en weer over het schuurpapier totdat het precies past.

Nu maak ik een zaagsnede op 1 cm afstand van de bovenkant van het geschuurde stukje. Je zaagt
dóór het bamboestukje net zo breed als het venster is. Je ziet dan nog aan weerszijden de zaagsnede vanwege de ronding van het bamboe. Met potlood zet ik twee streepjes op de onderkant van het stukje. De afstand is net zo breed als het venster. Met een mes splijt ik het stukje tot aan de zaagsnede vanaf beide potloodstreepjes. De randen schuur ik mooi glad.
Je ziet nog de zaagsnede aan de zijkanten; het middenstukje is er uit.
De plaatsing is heel belangrijk Zet je de geluidsversterker te dicht om het venster dan gaat de toon van de fluit zakken. Zet je hem te ver van het venster dan wordt het geluid minder versterkt. Uitproberen dus en daarna vastlijmen.

Bea Kloosterman




woensdag 29 april 2015

30 ! ! ! spelers leren samenwerken met de fluit

Je weet nu hoe goed de kinderen samenwerken met de fluit. Maar wat doe je daarmee mee in de les?

Op de overzichtslijst voor de leerkracht vul ik de namen in van de kinderen die bijvoorbeeld nog geen goede houding hebben. Onder het item "Houding" zet ik de naam en een korte aantekening erachter bijvoorbeeld "fluit te diep in de mond"of "te recht". Zo doe ik dat ook bij de items "Tonggebruik" , "Trefzekerheid" en "Ademen".

Zo ziet een overzichtslijst voor de leerkracht er uit: Trefzekerheid en Ademen verdienen extra aandacht.

Onder sommige items staan heel veel namen. Dat betekent dat je als leerkracht het beste oefeningen kan doen gericht op dat onderwerp. Als er voldoende tijd is kan een kind individueel geholpen worden.

Bea Kloosterman.

woensdag 15 april 2015

Wat doet Pietje achter de rug van Marietje?

Je geeft fluitles aan een groep of klas van twintig of dertig leerlingen. Het klinkt heel aardig. Pietje zit achteraan. Ogenschijnlijk doet hij goed mee, maar hoe?

Het is onmogelijk om in een klas van dertig leerlingen tijdens de fluitles het samenspel van de leerling met de fluit te zien:                                      
- is de rechterhand onder en de linkerhand boven?
Zo ziet het overzichtspapier er uit.
- ligt de fluit op de onderlip?
- steekt de fluit schuin naar voren
- ademt zij of hij door de mond?
- wordt de tong gebruikt?
- liggen de vingers losjes op de fluit?
Zie ook het blog "Samenwerken met je fluit deel 1 t/m 4"

Ik screen alle kinderen eenmaal per jaar op de techniek van het spelen. Daarvoor heeft ieder kind een overzichtspapier waarop vier items vermeld staan:
Houding - Tonggebruik - Trefzekerheid - Ademen                               Per klas heb ik ongeveer een uur nodig.
Ik vul elk jaar mijn bevindingen in. Op die manier kunnen de vorderingen worden bijgehouden.
Over het verslag naar de leerkracht toe, vertel ik volgende keer.

Bea Kloosterman

dinsdag 7 april 2015

De bamboefluit en het schimmentheater

De milde en mysterieuze klank van de bamboefluit is ideaal voor het begeleiden van een schimmenvoorstelling.

In een schimmenvoorstelling komt de wereld van het verstilde en geheimzinnige naar voren. De verschillende bamboefluiten geven daaraan een verdieping en aanvulling. Bijvoorbeeld een scene met vogeltjes wordt ondersteund door de sopranino of de sopraan. Je ziet niet alleen de vogeltjes maar je hoort ze ook. En als de beer optreedt wordt hij begeleid met de basfluit. Je ziet de zware stappen van de beer en je hoort ze in de muziek van de bas. Zo zijn er ook scenes waarbij de alt of de tenor een aanvulling geven op het spel.

Petra Rosenberg speelt op de bamboefluit.

De fluiten accentueren en vertellen delen van het verhaal. Muziek en beeld vloeien in elkaar over, vullen elkaar aan. Soms leidt de muziek en soms het beeld. Bekijk hieronder de impressie van een Lichtje voor de Winter.



Schimmentheater Licht in het Donker geeft uitsluitend schimmenvoorstellingen. Het gebruikt daarbij
de muziek zoals boven beschreven. Een belevenis die je eigenlijk niet mag missen. Zie ook www.schimmentheater.nl

Bea Kloosterman








woensdag 25 maart 2015

Mooi van bamboe: sokken


Mooi vind ik ze, deze sokken voor heren van Lotika, gemaakt van bamboe. Er wordt ons veel beloofd: ze voelen zachter aan, ze absorberen vocht beter, zijn bij warmte verkoelend en bij koud weer verwarmend. Ons rest het uitproberen...

Fetsje Luimstra

donderdag 19 maart 2015

Zonder gesnuif! - Samenwerken met je fluit (deel 4)

Je komt adem te kort als je een muziekstuk van één of meer bladzijden wilt spelen. Zonder adem te halen dan. Waar moet je ademhalen? En hoe doe je dat?

Je haalt adem door je mond, net als een visje. Dus niet door de neus, want daar heeft de lucht meer weerstand. Je krijgt misschien zelfs gesnuif te horen.

Als je een liedje speelt, haal je adem aan het eind van de zin. In een muziekstuk zoek je naar de maten die bij elkaar horen. Meestal zijn dat vier maten maar niet altijd. Soms staan er komma's in het muziekstuk om aan te geven waar je kunt ademhalen.

De fluit rust op de onderlip, de adem komt door de mond.
Waar komt de adem vandaan? Soms gaan de schouders omhoog. Dat noemen we een schouderademhaling. Dan kan de luchtdruk niet of gelijkmatig gedoseerd worden. De houding is gespannen. Hetzelfde geldt - in mindere mate -  voor de borstademhaling (de ribben gaan opzij).
Daarom kun je deze twee manieren van ademhalen beter niet gebruiken voor het fluiten.

Liever laat je de adem uit de buik komen, gestuurd door het middenrif. Je houdt op deze manier de ademdruk beter gelijkmatig en kunt beter sturen. Je kunt het oefenen door te doen alsof je een fietsband oppompt. De zuiger zit als het ware in je buik. Je laat je buik vollopen met lucht en duwt die gelijkmatig - je middenrif helpt daarbij - naar buiten. Geluidloos lachen kan ook, probeer maar eens. Je kunt de buikademhaling ook voelen door hi, ha, ho te zingen, op een staccato manier.

Bea Kloosterman